Speeches van burgemeester Rob Zuidema
Herdenkingsbijeenkomst 4 mei 2026
Vandaag zijn we samen stil.
We staan hier niet alleen om te herinneren wat oorlog is.
We staan hier ook om te beseffen wat oorlog met een dorp doet.
We staan stil bij de mensen die zijn omgekomen sinds het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. Burgers en militairen.
Mensen die hun leven verloren in oorlogssituaties en bij vredesmissies, waar ook ter wereld.
Maar herdenken begint altijd dichtbij. Hier, in onze eigen gemeente. In de verhalen die hier zijn gebeurd. En die, ook na al die jaren, nog steeds voelbaar zijn.
Zoals in Heino, waar in de laatste dagen voor de bevrijding mannen werden weggevoerd en angst en onzekerheid achterbleven.
Zoals in Mariënheem, waar een trein met evacués werd beschoten, een vergissing met grote gevolgen.
Zoals in Luttenberg, waar een explosie een gemeenschap diep trof.
En ook in Raalte, waar Joodse inwoners uit hun huizen werden gehaald. Waar mensen hun rechten verloren, werden weggevoerd, uit onze gemeenschap verdwenen, en niet meer terugkeerden.
Ik vind het belangrijk dat we die verhalen blijven noemen.
Juist hier. Juist vandaag.
Omdat oorlog anders al snel iets van vroeger wordt.
Iets uit boeken. Iets van ergens anders.
Maar oorlog gaat altijd over mensen.
Over levens.
Over families.
Over gemis.
Vandaag herdenken we hen.
We doen dat met verschillende generaties naast elkaar.
Met mensen die het zelf hebben meegemaakt.
Die weten hoe het voelde. Voor wie dit geen geschiedenis is, maar herinnering.
En met generaties daarna.
Met mensen die de oorlog kennen uit verhalen, uit boeken, uit beelden.
Juist daarom is het zo belangrijk dat we blijven luisteren.
Dat we de verhalen blijven doorgeven. Zolang dat nog kan.
Oorlog verdwijnt niet op de dag dat de bevrijding begint.
Oorlog blijft nog lang in mensen wonen.
In families. In dorpen.
In hoe wij vandaag naar de wereld kijken.
Misschien is dat ook waarom deze dag ons juist nu raakt.
Omdat vrede minder vanzelfsprekend voelt dan lange tijd het geval was.
Juist daarom moeten we niet alleen herdenken, maar ook beseffen wat er van ons wordt gevraagd.
Oorlog en geweld voelen opnieuw dichtbij. En wat mij daarin raakt, is dat het zelden ineens begint.
Het begint klein.
Met woorden.
Met uitsluiten.
Met het normaal vinden dat sommige mensen minder meetellen dan anderen.
Met het afbreken van rechten, stap voor stap.
Zo ging het toen.
En dat patroon herkennen we, in andere vormen, ook nu.
Daarom herdenken we niet alleen om terug te kijken.
We herdenken ook om wakker te blijven!
Om te begrijpen wat er kan gebeuren als mensen wegkijken.
Of zwijgen.
Of denken: dit gaat mij niet aan.
Want vrijheid is kwetsbaar.
Voor mij zit vrijheid niet alleen in het feit dat er geen oorlog is.
Vrijheid zit ook in hoe we samenleven.
In of we elkaar ruimte geven.
In of we elkaar respecteren.
In of we voor elkaar opkomen als het nodig is.
En dat begint niet ver weg. Dat begint hier.
In onze dorpen kennen we daar een mooi woord voor: noaberschap.
Omkijken naar elkaar. Er zijn voor een ander, juist als het nodig is.
Thuis.
Op school.
Op het werk.
Op straat.
In kleine dingen, elke dag opnieuw.
In hoe we elkaar aanspreken.
In hoe we omgaan met verschil.
In of we iemand laten voelen: jij hoort erbij.
En daarin zit ook onze weerbaarheid.
Een weerbare samenleving ontstaat waar mensen niet tegenover elkaar staan, maar naast elkaar. Waar we verantwoordelijkheid nemen, verschillen verdragen en blijven opkomen voor wat kwetsbaar is.
Die weerbaarheid begint dichtbij. In hoe we samenleven, en in de keuze om niet weg te kijken.
Dat is onze verantwoordelijkheid.
Dat we niet wegkijken.
Maar elkaar blijven zien.
En dat we de betekenis van deze dag blijven doorgeven aan jongeren.
Voor hen is de oorlog geschiedenis.
Maar onverschilligheid, uitsluiting en wegkijken zijn dat allerminst.
Het is aan ons om ervoor te zorgen dat zij begrijpen wat er op het spel staat.
Morgen vieren we de vrijheid.
Vandaag staan we stil bij de prijs die daarvoor is betaald.
En die prijs verplicht ons tot iets.
Tot waakzaamheid.
Tot respect.
Tot de moed om niet weg te kijken als vrijheid of menselijkheid onder druk staan.
Want herdenken heeft alleen betekenis als het ook iets met ons doet.
Vandaag zijn we stil.
In respect.
In verbondenheid.
Dank u wel.
Nieuwjaarsbijeenkomst 2026
Nieuwjaarstoespraak burgemeester Rob Zuidema
Beste inwoners van onze gemeente,
Ik hoop dat jullie allemaal fijne feestdagen hebben gehad met familie en vrienden. Ik kan met trots zeggen dat we een geslaagde jaarwisseling hebben gehad. Rustig, gezellig en zonder incidenten; precies zoals het hoort.
Laat ik meteen beginnen met wat mij het meest raakt. In Raalte draait zóveel op vrijwilligers, dat je soms bijna vergeet hoe bijzonder dat is. Evenementen, sportclubs, zorg, buurthuizen, jeugdactiviteiten; het gebeurt niet vanzelf. In Broekland alleen al zijn 40 organisaties actief, samen goed voor zo’n 2.500 vrijwilligerstaken. Dat betekent dat een gemiddelde Broeklander meerdere vrijwilligersrollen vervult. Ik vind dat ongelooflijk en heel inspirerend. Of het nu gaat om dorpsfeesten die jaar na jaar groeien, of de dorpsquiz waar duizenden mensen aan meedoen. Dit lukt alleen omdat mensen zeggen: “Ik doe mee.” Vrijwilligers zijn de zuurstof van onze gemeenschap. Namens ons allemaal: dank jullie wel. Vanuit die kracht kijk ik met je terug op 2025 en vooruit naar 2026.
2025 – een jaar vol beweging
We vierden 80 jaar vrijheid in alle dorpen. Kinderen die hun eerste herdenking meemaakten, ouderen die verhalen vertelden die we nooit mogen vergeten, families die samen stilstonden bij wat vrijheid betekent. Elk dorp deed dat op zijn eigen manier, maar overal voelde je hetzelfde: vrijheid is geen vanzelfsprekendheid. Samen herdenken verbindt, misschien wel meer dan ooit.
We openden de nieuwe stations in Raalte en Heino. Stations zijn veel meer dan haltes: het zijn toegangspoorten van je dorp. Ze zorgen voor bereikbaarheid, levendigheid en een uitstraling die zegt: hier wordt gebouwd aan de toekomst.
We hadden ook een avond die we niet snel vergeten: Rohda Raalte – FC Twente. Een avond die liet zien hoe levendig en trots ons verenigingsleven is. En we mochten onze 39.000ste inwoner verwelkomen. Ik heb hem en zijn gezin gesproken. Hun conclusie was prachtig in zijn eenvoud: “Hier wonen voelt gewoon goed.” Raalte staat niet stil. Raalte beweegt.
Vooruitkijken naar 2026
De huidige gemeente Raalte bestaat dit jaar 25 jaar. Op 1 januari 2001 gingen de voormalige gemeenten Raalte en Heino samen verder. Daarmee werden we één gemeente met negen prachtige dorpen. Op 18 maart mogen we weer naar de stembus voor de gemeenteraadsverkiezingen. Misschien wel de belangrijkste verkiezingen, omdat de besluiten die hier worden genomen direct jouw leven raken. Het gaat over wonen, spelen en bereikbaarheid in jouw buurt. Wat er ook verandert, één ding blijft altijd gelijk: het Raalte van morgen maken we samen. Dat vraagt om keuzes. Soms moeilijke keuzes.
Groeien met visie
De gemeente Raalte groeit. Omdat mensen hier willen wonen, werken en hun toekomst bouwen. Dat is iets om trots op te zijn. Heel trots! Groei betekent verandering en verandering roept vragen op. Maar groei creëert ook kansen: voor starters, jonge gezinnen en ouderen die kleiner willen wonen. Uiteraard mét behoud van ons Sallandse karakter. De komende jaren gaan onze dorpen veranderen: moderner, groener en toekomstgerichter. Dat vraagt om keuzes die verder gaan dan vandaag of morgen. Keuzes die zorgen voor leefbaarheid, ruimte en verbondenheid. Groeien met visie betekent voor mij: niet alles willen, maar het goede doen. Niet sneller dan nodig, maar wel met richting. Zodat Raalte ook in de toekomst een plek blijft waar mensen zich thuis voelen.
Raalte in de regio – samen staan we sterker
Ik heb wel eens gezegd: “Als het regent in Nederland, druppelt het in Raalte.” Daarmee bedoel ik: wat landelijk gebeurt, voelen we hier direct. Inmiddels is het belangrijk om iets toe te voegen: we zijn geen eiland. We liggen precies tussen Zwolle, Deventer en Twente. Drie krachtige regio’s die nationaal én in Europa meetellen. In Den Haag en Brussel kijken ze allang niet meer naar individuele gemeenten.
Ze kijken naar gebieden die samen optrekken. Naar regio’s die laten zien dat ze hun schouders er samen onder zetten. Daarom is het zó belangrijk dat Raalte zichtbaar is en meepraat. En laat ik één ding heel duidelijk zeggen: Raalte komt in de regio niet alleen halen, maar ook brengen. Wij brengen Sallandse kracht: met onze landbouw en maakindustrie, met onze ondernemers en vakmensen, met onze bruisende dorpen en met onze thema’s die ertoe doen, zoals bereikbaarheid en de N35.
Via de Regio Deal investeren het Rijk en de regio samen in brede welvaart: in economie, leefbaarheid, duurzaamheid en een toekomstbestendige arbeidsmarkt. Raalte zit daar volwaardig aan tafel. Niet als toeschouwer, maar als partner. Zodat wat voor Nederland belangrijk is óók goed uitpakt voor Salland. En zodat wat voor Salland belangrijk is, niet wordt vergeten in Den Haag of Brussel. Samen met onze buren - in Zwolle, in Deventer én richting Twente - maken we de regio sterker. En een sterke regio maakt Raalte sterker.
Knooppunt Raalte & Mariënheem – veiligheid eerst
Bij het Knooppunt Raalte gaat het inwoners niet alleen om files. Het gaat om iets veel belangrijkers: veilig oversteken en een goede verbinding tussen Raalte-Noord en de rest van Raalte. Daarom is het goed dat het project is herstart met een concreet plan.
In Mariënheem voelen inwoners elke dag wat het betekent als de N35 dwars door je dorp loopt. Rustiger verkeer en betere oversteken helpen, maar lossen het grote vraagstuk niet op. Voor de lange termijn is de richting helder: het doorgaande verkeer moet uiteindelijk om Mariënheem worden geleid. Niet omdat het kan, maar omdat het moet. Veiligheid is geen luxe. Het is de basis van fijn wonen.
Het buitengebied – toekomst met duidelijkheid
Het buitengebied leeft. Dat bleek opnieuw toen 520 inwoners, ondernemers én jongeren met elkaar spraken over de toekomst. Wat mij raakte: mensen luisterden écht naar elkaar. Iemand zei: “We willen best moeilijke paden bewandelen.” En dat “best” vond ik zó Sallands. Bij ons betekent het eigenlijk gewoon: we dóen het. Rustig, zonder poeha, maar samen. Het blijft een ingewikkelde puzzel, maar een noodzakelijke. We bewaren de balans: tussen landbouw en groei, tussen nieuwe plannen en oude waarden. Want de keuzes die we nu maken, zijn niet alleen voor morgen, maar voor de generaties die hier na ons leven.
Weerbare samenleving – noaberschap in een nieuwe tijd
We leven niet meer in een wereld die vanzelfsprekend veilig is. Stroom, water, internet, het kan zomaar uitvallen. De vraag is dan niet alleen: wat doe ík? Maar vooral: wat doen we samen? Wat doe jij… als de stroom uitvalt? Als een oudere buurvrouw niemand kan bellen? Of als iemand kwetsbaar is en jij de enige bent die het ziet? Dit gaat niet om angst. Dit gaat om handelingsperspectief. En eigenlijk past dat perfect bij Salland. Noaberschap is hier geen project, het is onze reflex. Een paar maanden geleden viel in het buitengebied de stroom uit. Binnen een uur stond de halve straat al bij elkaar: “Heb jij licht? Hoe gaat het met de buren verderop?” Dat is geen beleid. Dat is cultuur. Dat zijn wij.
Ik was geraakt door een lezing van schrijver Eva Rovers. Zij zei: we zijn allemaal voorouders. Ook als je geen kinderen hebt. Want de keuzes die wij nú maken, vormen het leven van toekomstige generaties. Soms zijn die keuzes ongemakkelijk: windmolens, zonnepanelen, opvang van mensen die nergens anders heen kunnen. Maar de vraag is niet: “Komt dit mij vandaag uit?” De vraag is: “Wat laat ik achter voor de mensen die hier over 30 of 40 jaar wonen? Voorouder-zijn betekent: denken in decennia, niet in dagen. Verantwoordelijkheid nemen, ook als het schuurt. En doen wat nodig is, niet alleen wat makkelijk is. Een weerbare samenleving bouw je niet met alleen kabels, noodpakketten en protocollen. Daar is iets anders voor nodig: ruggengraat. Het besef dat wíj nu de voorouders zijn en dat we ons daarnaar moeten gedragen.
Samen en samendoen – het DNA van Raalte
Raalte is een plek waar energie is. Waar mensen de mouwen opstropen. Waar we het leven vieren. Waar tradities gekoesterd worden en tegelijk ruimte ontstaat voor nieuwkomers. Afgelopen jaar gebeurde iets bijzonders. Ik zei eerder dat het prachtig zou zijn als de pastoor, de dominee, de burgemeester én de imam samen Stöppelhaene zouden openen. En wat gebeurde er? Het gebeurde. Gewoon. Warm. Natuurlijk. Vier mensen, vier achtergronden, één traditie. Dat is verbinding.
Sallandse nuchterheid & onze economie
We doen hier niet moeilijk. We doen wat nodig is. Onze agrarische sector is breed en innovatief. Onze maakbedrijven zijn bescheiden, maar wereldwijd actief. Dat zijn onze verborgen kampioenen. Maar onze nuchterheid heeft ook een keerzijde; we vertellen te weinig over wat we kunnen. Laten we die verhalen meer delen. Niet om op te scheppen, maar om elkaar te inspireren.
Het Raalte van morgen maken we samen
Daarom nodig ik je uit: praat mee met de gemeenteraad, kom naar bijeenkomsten, ga stemmen op 18 maart of kom naar de open dag van het gemeentehuis op 7 maart. Ik sta daar met een kop koffie voor je klaar. Ik ben oprecht benieuwd naar jouw ideeën, zorgen en dromen. Want het Raalte van morgen maken we samen. Ook - en misschien wel juist mét - onze jeugd, want zij hebben de toekomst. Geef ze de ruimte, laat ze experimenten en heb geduld met ze.
Wat 2026 ook brengt, we gaan het jaar samen vormgeven. Met de kracht van onze dorpen, ondernemers, vrijwilligers, jongeren en onze noaberschap heb ik er alle vertrouwen in dat we de toekomst aankunnen. Namens het college van burgemeester en wethouders, de gemeenteraad en alle collega-ambtenaren: een gezond, liefdevol en gelukkig nieuwjaar.
Dank je wel.
Herdenkingsbijeenkomst 4 mei 2025
Vandaag zijn we samen stil.
Vandaag herdenken we slachtoffers, burgers en soldaten van de Tweede Wereldoorlog, de koloniale oorlog in Indonesië en in oorlogssituaties en bij vredesoperaties daarna.
Dat doen we overal in het land. Tegelijkertijd. We staan stil en denken aan toen. Aan toen in Raalte. Aan de oorlog. We denken aan de mensen die hier leefden, onder een kwaadaardige bezetting. En aan iedereen die daardoor het leven verloor.
Dat klinkt bijna alsof het je eigen schuld is: zij verlóren het leven. Maar het werd juist door andere mensen van ze áfgepakt. Omdat ze joods waren. Omdat ze bij hun familie weg werden gehaald om ergens te gaan werken voor de oorlogsindustrie. Omdat ze anderen wilden redden en hen thuis verstopten. Omdat ze het niet pikten en in verzet kwamen. Omdat ze ons kwamen bevrijden, zoals de jonge mannen helemaal uit Canada. Of, omdat ze ergens in die vijf jaar oorlog simpelweg op de verkeerde plek waren, op het verkeerde moment.
Zoals in Heino, waar in de laatste dagen voor de bevrijding nog 66 mannen werden meegevoerd, gegijzeld en doodsangsten uitstonden. Zoals in Mariënheem waar doden en gewonden vielen bij de beschieting van een trein met evacués. Zoals in Luttenberg waar negentien mensen tegelijk omkwamen en vele anderen verminkt raakten bij de V2-ontploffingsramp. En nu. Tachtig jaar later. Nu staan wij hier.
En al die jaren later zijn we hier ook met inmiddels al drie nieuwe generaties. Kijk maar om je heen: dat zijn wij. En we staan hier met u: met de mensen die het na kunnen vertellen. Die kunnen wijzen naar namen op het monument en er een gezicht bij weten. Die het zich niet voor hoeven stellen. Want u was er immers bij.
Een kleuter nog. Een schoolkind. Een tiener. In een gevaarlijke, onoverzichtelijke tijd. Tussen bange en boze volwassenen. En als je het hebt overleefd, met de pijn van al het verlies, duurt die pijn nog de rest van je leven. Dat weten wij, de jonge generaties, omdat we het lezen en zien in boeken en artikelen. In documentaires. En omdat u, soms na zoveel jaar van stilte en binnenhouden, uw verhaal bent gaan delen.
Laten we luisteren. Zolang het nog kan. En proberen te begrijpen hoe het was. En hoe het dóórleeft in ons allemaal. Dat moet. Want we kunnen er niet omheen vandaag. Na zo lang rust en vrijheid, om te doen en laten wat je wilt, zonder angst voor vervolging, staan democratie en vrijheid steeds meer onder vuur.
Ook in landen met wie wij een sterke band voelen is er oorlog, heel dichtbij. Of willen mensen de absolute macht en breken ze de vrijheid van hun bevolking stukje bij beetje af. Zo ging het in de Tweede Wereldoorlog ook. Stukje bij beetje. En zo gaat het ook nu. En worden mensen elke dag wakker in een land in oorlog, vervolgd, verjaagd, onderdrukt.
Wij moeten snappen waar dat begint: bij mensen die een ander niet respecteren en hun vrijheid willen afpakken. En als dat bij ons weer gebeurt. Wat doen wij dan? Wij zijn ook maar mensen. En dat kan ons bang maken. Ik ben geen held. En u misschien ook niet. En toch komt het er op aan. Dat je juist wel je mond open doet. Je stem laat horen. Elkaar aan durft te spreken. De vrijheid beschermt.
Daarvoor hoeven we niet naar die landen toe waar het nu verkeerd gaat. We kunnen ook hier elke dag een beetje het verschil maken. Thuis, op school, op het werk, op straat. Door het positief te maken. Door elkaar de vrijheid te laten voelen.
Wat is dat dan? Ik denk dat dat begint met respect voor elkaar. Elkaars kleur, elkaars doen en laten, hoe dan ook. Dat kost wel energie. Want, laten we eerlijk zijn, we zijn vooral goed in respect eisen ván die ánder. Maar respect géven is een stuk moeilijker. Iemand in zijn waarde laten, rekening houden met elkaar. Als we daar ons best voor doen, kunnen we ons allemaal vrij voelen.
Morgen mogen we de vrijheid vieren. Vandaag voelen wij hopelijk samen, dat vrijheid niet vanzelfsprekend is. Nooit.
Herdenking treinbeschieting Mariënheem 2025
Van harte welkom bij deze bijzondere herdenking, op een plek die voor velen van ons een belangrijke betekenis heeft. Vandaag zijn we samengekomen om stil te staan bij een gebeurtenis die tachtig jaar geleden plaatsvond, maar waarvan de impact nog altijd voelbaar is.
Een speciaal welkom wil ik uitspreken aan mijn collega, de burgemeester van Roermond. Ook heet ik van harte welkom: de mensen die de treinbeschieting destijds zelf hebben meegemaakt, de nabestaanden van de slachtoffers, families uit de omgeving die destijds slachtoffers opvingen, kinderen en leerkrachten van het St. Antonius en alle andere aanwezigen die hier met ons bij stil willen staan. En tot slot een bijzonder woord van dank aan de organisatie die deze herdenking mogelijk heeft gemaakt. Fijn dat u er allen bij bent vandaag.
We herdenken vandaag de treinbeschieting bij Mariënheem op 25 februari 1945. Het was een winterdag, slechts enkele maanden voor de bevrijding van ons land, toen hier een locomotief met wagons passeerde. De trein, gevuld met 1500 mensen uit de omgeving van Roermond, was onderweg van Limburg naar Friesland. Het waren evacués die, vanwege de frontlinie waarin zij woonden, door de Duitsers op transport waren gezet naar het noorden van Nederland. De wagons waarin zij zaten, waren beestenwagens – waar de mest van de dieren nog in lag. Verre van geschikt om mensen te vervoeren.
Toen de trein in de buurt van de kerk en de school in Mariënheem reed, doemden er plotseling jachtbommenwerpers op van de geallieerden. Zij dachten dat de trein Duitse troepen vervoerde en openden het vuur. De trein werd gebombardeerd en doorzeefd met kogels. Wat volgde was chaos, paniek en immens verdriet.
Sommige evacués wisten te ontsnappen en vonden onderdak bij boerderijen in de omgeving. De hulp kwam snel op gang: inwoners van Mariënheem en Raalte schoten te hulp en vingen gewonden op. Het was een vreselijke vergissing, die uiteindelijk het leven kostte aan vier mensen en tachtig anderen verwondde. De gewonden werden later overgebracht naar ziekenhuizen in Raalte en Zwolle. Enkele dagen later reed de trein verder naar Friesland.
Voor de inwoners van Mariënheem kwam de oorlog die dag huiveringwekkend dichtbij. Deze gebeurtenis heeft diepe sporen nagelaten. Niet alleen bij de slachtoffers en hun families, maar ook bij de mensen die hulp verleenden, bij ooggetuigen en bij de gemeenschap als geheel. We kunnen ons nauwelijks voorstellen hoe het moet zijn geweest: de angst, het verlies, de rouw – en het onbegrip over hoe zoiets kon gebeuren.
Oorlog maakt slachtoffers. Niet alleen op het slagveld, maar ook onder gewone mensen die niets anders wilden dan een veilig thuis. Tegelijkertijd laat deze gebeurtenis ook zien hoeveel veerkracht en menselijkheid er in onze samenleving schuilt. Mensen stonden op voor elkaar, boden hulp waar ze konden en deelden wat ze hadden.
Het is inmiddels tachtig jaar geleden dat deze treinbeschieting plaatsvond, een heel mensenleven. Om ervoor te zorgen dat deze gebeurtenis niet in vergetelheid raakt, is vijf jaar geleden deze gedenkplek opgericht. Vandaag staan we hier samen om stil te staan bij wat er toen is gebeurd. Deze herdenking is niet alleen een eerbetoon aan de slachtoffers, maar ook een moment van bezinning. De geschiedenis leert ons lessen die nog altijd relevant zijn.
Op het gedenkteken staat de tekst: "Ein waek te laat." Een week nádat deze 1500 mensen uit Roermond werden geëvacueerd, werd het gebied bevrijd door de oprukkende geallieerden.
Tachtig jaar later leven wij gelukkig nog steeds in vrijheid. En toch mogen we niet vergeten dat vrijheid nooit vanzelfsprekend is. Ze is kwetsbaar. De beschieting hier in Mariënheem toont op indringende wijze hoe meedogenloos oorlog kan zijn. Wie het nieuws volgt, hoort nog elke dag verhalen van mensen over de hele wereld voor wie vrijheid geen realiteit is.
Juist daarom blijven we samen herdenken. We blijven de slachtoffers eren en proberen de lessen die deze tragische gebeurtenis ons leert, mee te nemen naar het heden en de toekomst. Help iemand die het moeilijk heeft. Kijk om naar elkaar. Zeker in een samenleving waarin we soms meer oog hebben voor wat ons verdeelt dan voor wat ons verbindt.
Ik vind het bijzonder dat we hier vandaag samen staan. Laten we niet alleen vandaag herdenken, maar ook de herinnering levend houden. Laten we de verhalen blijven doorvertellen, zodat ook de generaties na ons weten wat hier is gebeurd en wat we ervan kunnen leren.
Dank u wel voor uw aandacht.
Nieuwjaarsbijeenkomst 2025
Goedenavond allemaal. Welkom in deze mooie zaal, namens het gemeentebestuur en alle collega’s bij de gemeente Raalte. Mocht het je echt zijn ontgaan toen we elkaar een hand gaven: Rob Zuidema, je nieuwe burgemeester.
We hebben al een week gehad om er iets van te maken, het oude jaar is nu echt achter de rug. Voor een burgemeester is deze bijeenkomst vaak een eerste hoogtepunt in het jaar. Ik mag vandaag terugkijken en vooruit kijken en mijn boodschap delen.
Ik vind het een goede traditie, dat we op pad gaan en met anderen samenkomen, om het jaar in te luiden. Vaak meerdere keren. In de buurt, in de eigen club. En als gemeentebestuur gaan we bijvoorbeeld langs bij de provincie en buurgemeenten.
Vanavond komen we uit alle dorpen en daarbuiten, verzamelen ons hier, in het culturele hart van onze gemeente. Geweldig dat we samen zo’n theater hebben om dit te doen. Iedereen kan zich welkom voelen om het glas te heffen op het nieuwe jaar. Als dorps- en streekgenoten, en daar mag ik mijzelf inmiddels ook toe rekenen. Het is gelukt om een appartement te vinden in het centrum van Raalte.
We beginnen allemaal aan het jaar met wensen en dromen, of juist met zorgen.
Sommigen van ons hebben dierbaren achter moeten laten in 2024 en zijn dat nog aan het verwerken. Laten we naar hen omkijken. Ook na een tijdje nog eens vragen: hoe gaat het nu met je? Want we weten ‘t allemaal: de wereld draait gewoon door.
Zelf heb ik mijn eerste volle jaar voor de boeg als burgemeester. Dit jaar begon ik met een bezoek aan de politie en BOA’s die met oud en nieuw aan het werk moesten. Ik was er nog maar net en de eerste melding kwam al binnen. Een dronken minderjarige die niet meer reageerde. Ambulance personeel en politie gaven eerste hulp en deze jongere ging linea recta naar het ziekenhuis. Alcohol gebruik onder de 18-jaar is een zorg. We kennen allemaal de plekken waar jongeren bijeenkomen, zoals de keten. Alcohol op jonge leeftijd lijkt daarbij gewoon, bijna cultuur.
Even naar de ouders, en dat ben ik zelf ook. Ik vind dat we best kritisch naar onszelf mogen zijn als we redeneren in de trant van ‘dat deden wij vroeger toch ook, je voorkomt toch niet dat ze drinken’. Als je je kind moet opzoeken op de IC omdat hij of zij totaal ‘out’ is gegaan, gewond of erger, dan praat je wel anders.
Verder was het gelukkig relatief rustig. Net als het hele jaar, Raalte is relatief veilig en daar mogen we blij mee zijn. Landelijk en om de hoek in Deventer en Zwolle is het beeld anders. Rustig en veilig zijn dus niet vanzelfsprekend.
Onze manier van oud en nieuw vieren verandert. De druk om te stoppen met vuurwerk neemt toe terwijl dat onderdeel uitmaakt van onze cultuur. Het is de vraag: hoe gaan wij om met veranderingen? Het antwoord is niet simpel, dus daarover wil ik in gesprek.
Ik heb al veel mensen ontmoet, veel verhalen gehoord. Dat heeft mij geïnspireerd. Het was indrukwekkend en soms zórgwekkend. Raalte is natuurlijk geen bubbel. Als het in heel Nederland regent, regent het hier ook. Dus laten we niet naïef zijn. Armoede, jongeren met mentale problemen, mensen met het gevoel dat ze niet mee kunnen doen, ook criminaliteit en ondermijning, het is hier ook.
Ik ben trots op iedereen, professioneel of privé, die mensen helpen met hun problemen. En we werken er hard aan om de samenleving weerbaar te maken. Het is belangrijk om alert te zijn en ons goed te organiseren.
Indrukwekkend is de kracht van samen, hoe je er voor elkaar kunt zijn als het mis gaat bij mensen om je heen. Ik was bij een brand op een boerderij. En direct staat de buurt klaar om te helpen. Vee veilig wegzetten, koffie maken, bewoners opvangen. Noaberschap is geen mythe, het is echt. En dat raakt me.
Tegelijkertijd is de vraag: waar eindigt die comfortabele bubbel van onderlinge saamhorigheid? Is het na de derde of de vierde deur? Zijn mensen met een andere achtergrond ook je noaber? Daar maak ik me zorgen over als ik praat met jongeren op Landstede die Nederlands als tweede taal leren.
We hebben in onze gemeente bijna veertig nationaliteiten naast de Nederlandse. En er komen steeds meer mensen wonen uit allerlei delen van het land. Andere kleur, andere gewoonten, andere tongval. Maar wel allemaal gewone medeburgers in onze lokale samenleving. Met zin in de toekomst, in een mooie opleiding, een eigen bedrijf, een goede baan.
En dan doet het pijn als je geen stageplek krijgt omdat je naam te buitenlands klinkt. Of als je op straat wordt uitgescholden omdat je er anders uitziet. Dan voel je je niet de noaber die je wel zou willen zijn. Terwijl je geen spat minder bent, dan wie dan ook.
Hier hebben we allemaal een verantwoordelijkheid. Om te erkennen, dat afwijzen van het onbekende, nu eenmaal in ons zit. Daar hoef je je niet voor te schamen. Je moet je er wel bewust van zijn en je moet er vooral iets mee dóen. Namelijk vreemdelingen hetzelfde respect geven als mensen die je al kent.
Als ondernemers en werkgevers, als leiders in organisaties, verenigingsmensen, buren, de leraar op school, ook ik, we hebben allemaal de mogelijkheid om die handreiking te doen. En onze verbeeldingskracht te laten werken. Er is meer dat ons verbindt dan wat ons verdeelt.
Hoe mooi zal het zijn als straks de pastoor, de dominee, de burgemeester én de imam samen dorsen om Stöppelhaene te openen. Niet als een stunt, maar als een verrijking van onze traditie. En bevestiging van onze diversiteit.
Het is hier niet perfect. Maar mensen, wat hebben we hier, met onze gemeenschapszin, al een geweldige basis om onze toekomst op te bouwen. Gelukkig maar, want er is een hoop te doen.
Als je wat ouder bent, heb je veel grote veranderingen meegemaakt. Strenge winters met veel ijs en sneeuw, je betaalde tot 2002 met een andere munt, geen euro maar de gulden. En je hebt nu alle comfort in je huis, cv, warm stromend water en internet.
Ik ontmoet stellen die 60 of 65 jaar getrouwd zijn en dat allemaal niet hadden. We wonen in een land op weg naar 19 miljoen mensen, in de jaren negentig waren dat nog 15 miljoen mensen.
En er zijn veel minder gemeenten. Zo kun je zelf zijn geboren in de gemeente Heino, maar staat er nu bij je kinderen Raalte in het paspoort.
Wat er ook verandert, de toekomst klopt continu op onze deur en vraagt ons om ruimte. En om flexibiliteit. De ruimte om ons heen verandert, bijvoorbeeld voor het oplossen van ons woningtekort. Waar we in een recordtempo mee bezig zijn.
We gaan hoe dan ook verder op de weg naar minder fossiel, meer duurzaam. Dat kost ruimte, dat verandert onze omgeving, en dat kost geld. De agrarische sector verandert verder, daar is een gezonde toekomst voor ieder bedrijf ook niet vanzelfsprekend. De uitdaging is om een mooie balans te houden in ons landschap, in onze vriendelijke schaalgrootte, het nieuwe te omarmen en het goede te behouden.
Slimme keuzes maken is niet gemakkelijk. Maar als je er van houdt is het geweldig om stappen te mogen zetten voor de lange lijnen, de lange termijn.
Mijn motivatie is dat we het niet voor onszelf doen, niet voor het nu.
De meeste van ons konden volwassen worden in relatieve welvaart. Veilig, goed te eten, een dak boven ons hoofd, een omgeving waar mensen naar elkaar omkijken, leven in vrijheid. 80 jaar al, dit jaar. Een kwetsbare vrijheid, als je kijkt naar de oorlog zo dichtbij.
Het is aan ons om die welvaart, die veiligheid en die vrijheid te organiseren voor het Raalte van over dertig of veertig jaar. Wij staan aan de lat voor volgende generaties.
En waar het dan mee begint is aandacht. Echte belangstelling. Laten we aan jongeren vragen hoe zij het voor zich zien. Wat is je plan? Waar maak je je zorgen over? En wat zou jij willen bereiken? Vertel het maar. Wat we in elk geval gaan meemaken is groei! Huizen bouwen. Gebieden ontwikkelen. Nieuwe mensen om ons heen. Zichtbare veranderingen.
Meebewegen met verandering is moeilijk. Laten we ons bewust zijn van de neiging om alles te willen houden zoals het is. Dat is heel natuurlijk, dat zit gewoon in ons. Maar als we bij alle ontwikkelingen roepen “niet in mijn achtertuin”, Dan komen we er niet. Echt niet.
En er is nog een reden om flexibel te zijn. We willen onze jeugd hier houden. Dan hebben zij wel zicht nodig op een mooie toekomst. Als we hun ideeën, hun dromen kennen, worden onze plannen beter. Zodat zij hier blijven om te werken en wonen.
Zodat ze na hun studie in de stad, weer terug komen als professional, als ondernemer, als dorpsgenoot met vrienden en familie. En wij mee kunnen groeien met hun actieve leven, hún volgende generatie.
Wat ik hoop dat de ouderen van nu in elk geval doorgeven aan hun kinderen, is hun doorzettingsvermogen. De daadkracht van de oudere generatie is een voorbeeld. Die wordt al doorgegeven. Dat zie ik hier overal. Ik ben het afgelopen jaar echt overweldigd, hoeveel van onze inwoners zich vrijwillig inzetten voor een groter geheel.
Kijk naar de dorpshuizen en cultuurhuizen. Waar mensen er op gericht zijn om mensen te verbinden en welkom te heten, te praten, te delen in verdriet en plezier. Die ontmoetingsplekken moeten we koesteren.
Kijk naar de feesten. De evenementen. De sport. De muziek. De hulpacties. De voedselbank. Zelfs de brandweer. Allemaal vrijwilligers. De rode draad is: mensen die hun tijd, creativiteit en deskundigheid steken in elkaar. Duizenden. Dit is een rijkdom die we moeten vasthouden. En tegelijkertijd is deze kracht onze zwakte.
We weten het allemaal: het is steeds lastiger om voldoende vrijwilligers te vinden en vast te houden voor clubbestuur en allerlei taken door het jaar heen. Als dat niet meer lukt, droogt ons sterke gemeenschapsverhaal langzaam op. Dus laten we elkaar blijven motiveren.
Juist daarom is het belangrijk om iedereen die nieuw is, de onbekende gezichten die je de komende jaren gaat tegenkomen, uit te nodigen om óók mee te doen. Aandacht geven. Elkaars verbeeldingskracht ontdekken en daar mooie dingen mee doen. Daar gaat het om.
Dus als we straks verder praten in de foyer, stel elkaar de vraag: met welke gedachte speel jij? Wat hoop jij dit jaar te doen, ontdekken, of vieren?
Het antwoord kan je wel eens verrassend zijn. En dat is het begin van een mooi, nieuw gesprek. Laten we samen op pad gaan.
Ik heb er zin in. En ik hoop jullie ook.
Dank je wel.
Onthulling grafmonument Johanna Schatz-Kapp (21 november 2024)
Welkom, vertegenwoordiging van de Joodse Gemeenschap, collega-burgemeester Sietske Poepjes, initiatiefnemer Anton Heijmerikx, leerlingen en directeur van De Korenbloem, overige aanwezigen en, in het bijzonder, nabestaanden van Johanna Schatz-Kapp.
Volgend jaar vieren we 80 jaar vrijheid. Tachtig jaar geleden lijkt ver weg en zou de indruk kunnen wekken dat het boek gesloten is, en dat slechts het vieren van de herinnering aan de bevrijding ons rest. Maar niets is minder waar. U zult beamen dat het verleden en het heden onlosmakelijk met elkaar zijn verbonden; ook hier, vandaag op de Algemene Begraafplaats aan de Westdorplaan.
We staan bij het oorlogsgraf van een 32-jarige vrouw die, alleen omdat ze Joods was, tijdens de oorlog gevangen werd genomen en op transport werd gesteld naar Kamp Westerbork, de poort naar de hel. De vrachtwagen waarin zij met ruim dertig anderen werd vervoerd, werd bij Wijhe door geallieerde vliegtuigen onder vuur genomen en kwam tot stilstand. Door het tumult wist deze vrouw te ontsnappen. Ze was gewond en werd door moedige mede-Sallanders in veiligheid gebracht en verzorgd. Maar ze kon haar noodlot niet ontlopen en stierf op 29 maart 1945, ruim een maand voor de bevrijding, aan difterie.
Omdat ze Joods was, werd zij op deze begraafplaats onder een andere naam in stilte begraven. Het bekendmaken van haar identiteit en het begraven op onze Joodse begraafplaats zou velen in gevaar hebben gebracht. Ze was wegens haar Joodse afkomst uitgesloten en vervolgd en zou na de oorlog, zonder de opmerkzaamheid van enkele inwoners, zijn vergeten. Er bestond zelfs de kans dat haar graf, genummerd 1132, geruimd zou worden. In 2014 en 2015 hebben enkele betrokken inwoners, waaronder de hier aanwezige Anton Heijmerikx, samen met de Historische Vereniging Raalte en Omstreken het Stolpersteine-project gerealiseerd. Vanuit dit project is het initiatief ontstaan om het graf uit zijn anonimiteit te halen. In 2017, 72 jaar na de oorlog, werd het graf voorzien van een tijdelijk monumentje met daarop haar echte naam en verhaal. Maar het risico bleef bestaan dat in strijd met de Joodse traditie het graf zou worden geruimd. Anton Heijmerikx heeft toen het initiatief genomen om dit te voorkomen.
Er werd contact opgenomen met de familie, het rabbinaat en onze cultuurmakelaar, en daarmee begon het proces. Het resultaat is dat het graf door de Oorlogsgravenstichting is erkend als oorlogsgraf. Hiermee hebben we de verplichting om het graf te behouden en daarmee het verhaal van Johanna levend te houden.
Het verleden raakt het heden: 79 jaar na de bevrijding is het boek nog niet gesloten. We kunnen volgend jaar alleen maar vieren als we ook de lessen trekken uit dat donkere verleden. Dit is een opgave die helaas actueler is dan ooit. Antisemitisme is na de oorlog niet meer zo sterk onder ons geweest als nu. Het schrijnende verhaal van Johanna Kapp getuigt waartoe uitsluiting en haat leiden. Dankzij de inzet van enkele inwoners van Salland wordt Johanna’s naam niet vergeten, want een citaat uit de Talmoed luidt: “Een mens is pas dood als zijn naam niet meer wordt genoemd.” Laten we daarom haar naam met liefde en respect noemen, Johanna Schatz-Kapp en moge dit oorlogsgraf en dit plechtig moment een bron van inspiratie en zegen zijn om samen te blijven bouwen aan een mooiere en betere samenleving.