Lekenpreek 3 december 2017

"Betrokkenheid op Elkaar”

Beste aanwezigen,

Afgelopen zondag 9 juli was het een drukte in Heino en rondom de kerk. Voor de tweede maal organiseerde een groep sportievelingen de Farmstacle Run, een obstakel wedstrijd met een boerenthema. Een prachtig evenement geheel passend in onze samenleving: sportief, agrarisch thema en gezamenlijk georganiseerd, want veel vrijwilligers werden geworven binnen andere verenigingen en de verenigingen ontvingen hiervoor een mooie financiële bijdrage. Echt, voor en door het dorp.

Het vieren van 150 jaar Nicolaaskerk is een ander voorbeeld. Geen besloten viering voor de PKN, maar samen met het hele dorp, de hele gemeenschap. En terecht voor zo’n icoon in onze gemeenschap. En van harte gefeliciteerd met dit jubileum en het mooie feest.

Voorbeelden van de kracht van de gemeenschap in Heino. Een kracht die we zien in veel van onze dorpen in gemeente Raalte. Een kracht die we moeten koesteren en constant aan moeten werken. En dat is niet altijd vanzelfsprekend.

Paulus realiseerde in zijn brieven ook dat de gemeenschap belangrijk was. En dat je moet werken aan je gemeenschap, en moet koesteren. In 1 Kor 12 gaat Paulus uitgebreid in op die gemeenschap.

De kerkelijke gemeente als gemeenschap: de gemeente van Jezus. Iedereen heeft in die gemeenschap een bijzondere meerwaarde. Een gemeenschap van onderlinge verbondenheid en betrokkenheid, mensen bijeen in zijn Naam. Of zoals 1 Corinthiërs 12:27: “Welnu, u bent het lichaam van Christus en ieder van u maakt daar deel van uit.”

Maar ook nadrukkelijk aandacht voor de verscheidenheid en diversiteit , want iedereen brengt zijn eigen gaven in: opvallende en minder opvallende gaven. Vers 14 “Want ook het lichaam is niet een lid, maar vele leden.” En het lichaam heeft belang bij alle leden, alle gaven, en iedereen moet zorgdragen voor de andere leden.

In mijn ogen de kern van een gezonde gemeenschap. De gemeenschap is een eenheid en men ziet om naar alle leden. Maar een gemeenschap is ook divers, niet uniform, bestaat uit vele individuen en accepteert de diversiteit van deze individuen.  De gemeenschap in haar verscheidenheid.

Wijze woorden van Paulus, en niet alleen van toepassing op de kerkgemeenschap, maar ook op onze eigen gemeenschap. Heino als gemeenschap, de dorpen in de gemeente of Salland als gemeenschap. Gemeenschappen met dezelfde karakteristieken, en eigen eigenaardigheden.

Maar wie zorgt voor onze gemeenschap, wie investeert in onze gemeenschap? Wat zijn de uitdagingen van onze gemeenschap. Een paar vragen om bij stil te staan.

In een mooi oud boekje 1957: het Handboek Pastorale van Sociologie van de Nederlands Hervormde Kerk wordt de volksaard van de Sallander, de Oosterling, de Saksische volksaard beschreven. Citaat: “bepalend is het secundaire reactievermogen: de Sallander geeft niet direct antwoord, kijkt een beetje de kat uit de boom en wacht af. Ze spreken zich liever niet individualistisch uit, maar horen liever de mening van het collectief. De mening van de eenling is niet belangrijk, maar het om de gemeenschap.”

”Men is ook achterdochtig tegen het vreemde en er kan niets snel veranderen, maar als men verandert dan samen. Een besluit moet rijp en breed worden overwogen.” Maar de Sallander is ook “gemoedelijke mensen met een hoge mate van wederzijdse verdraagzaamheid. Ze helpen elkaar en zijn medelevend. Een sterke verbondenheid met de eigen bodem en eigen volk.  Een sterk volk met uithoudingsvermogen.”

Herkenbaar? Wel voor mij en natuurlijk is dit 60 jaar oud, maar onze traditie vormt ons.

Soms verstikkend, zeker voor 18-jarigen zoals ik in 1993. Maar het heeft heel veel goeds opgeleverd herken ik nu als burgemeester. Onze gemeenschap is iets om trots op te zijn. De kracht en energie is enorm, de zelfredzaamheid is bekend. Ik zag weer staatjes van de hoeveelheid vrijwilligers werk en onze regio steek met kop en ouders uit boven het landelijk gemiddelde.  Het chagrijn van sommige regio’s met populistisch uitwassen of de enorme verbondenheid tussen onder en bovenwereld is aanzienlijk lager bij ons.

Samen de schouders eronder is het motto. We zien dat ook economisch: goed arbeidsethos, doen mentaliteit, fijne leefomgeving. We zien dat in de participatiesamenleving, waar inwoners het heft in handen nemen met duurzaamheid, evenementen, cultuur sport, zorg, leefbaarheid. In Heino, maar ook in alle dorpen in onze gemeente.

Maar Nederland verandert, de wereld verandert, en dus ook onze gemeenschap verandert. In de Nederlandse samenleving worden steeds scherpere tegenstelling herkent. Tegenstelling die ook in onze gemeenschap zichtbaar zijn of mogelijk worden, maar altijd langzamer gezien onze secundaire aard.

Tegenstelling tussen autochtoon en migrant, tussen hoogopgeleid en laagopgeleid, tussen arm en rijk, tussen jong en oud, tussen stad en land, tussen man en vrouw en tussen elite en volk. Mensen leven in hun eigen Facebook bubbles, komen amper in contact met andersdenkenden, redeneren alleen vanuit hun eigen perspectief. Ik hoef de voorbeelden van Zwarte Piet of asielzoekers maar even naar voren te halen.

In zelfs de kleinste gemeenschappen wordt steeds vaker geconstateerd dat we niet iedereen kennen, dat mensen zich bewust onttrekken en vereenzamen of geen bijdrage leveren aan de gemeenschap en zich slechts als consument gedragen bij de voetbal vereniging, de feestweek of het zwembad. Ook onze gemeenschap heeft last van de eigen bubbels en tegenstellingen, van hokjes denken en identiteitspolitiek.

En door de individualisering en het verdwijnen van de verzuiling is er te weinig aandacht voor onze hele gemeenschap, en te veel aandacht voor het individu, of zoals Paulus: voor de ledematen van het lichaam. Vroeger hadden we een verzuilde en gesegregeerde samenleving langs levensbeschouwing. Die gemeenschappen hadden duidelijke leiders die zorgdroegen voor de gemeenschap, maar zeer dominant leiden.

De dominee, pastoor, voorzitter kerkenraad of de vakbond. Mensen dachten na over hun gemeenschap en investeerden hierin. Ook was zorg voor elkaar binnen de zuilen normaal, maar bestond bijna een afkeer tussen de zuilen. Ik hoor regelmatig bij 60 jarige huwelijk dat je vroeger geen grond kocht van een ander geloof, of speelde met ander geloof, laat staan trouwde. Het is een zegen dat dit keurslijf is verdwenen, want diversiteit werd juist helemaal niet omarmt.

Na de verzuiling loste de overheid of de markt alles op en werden inwoners vereenvoudigd tot consumenten of cliënten met alle frustraties van dien. Terug verlangen naar vroeger is zinloos. We moeten juist herijken en werken naar de toekomst toe, in deze nieuwe tijd. Een toekomst waarin de gemeenschap belangrijk moet blijven, waarin maatschappelijke opgaven worden opgepakt als gemeenschap en maatschappelijk leiderschap wordt getoond met respect voor alle leden van de gemeenschap. En we hebben allemaal een rol te spelen in deze gemeenschap, en als participant i.p.v. consument of cliënt.

We moeten dus blijven investeren in gemeenschap: ken je buren, draag zorg voor je straat of wijk, hoe zorgen we voor voldoende vrijwilligers, wat kunt u doen, hoe blijven we ontmoeting organiseren, hoe ontmoeten we eenzame mensen, hoe begroeten we nieuwe inwoners en staan we open voor hun inbreng, hoe krijgen we meer vrijwilligers die geen 40 jaar meedoen. Wat zijn de belangrijkste opgaven voor de hele gemeenschap en doe mee om deze op te lossen, samen.

We kennen elkaar minder, en dat vergt ook meer verdraagzaamheid en respect naar onbekenden.  Niet alleen maar vanuit het IK redeneren, maar ook vanuit de gemeenschap.

En investeren in een gemeenschap met inwoners voorop vergt ook een andere houding van de gemeente, van politici, van bestuurders en ambtenaren.

De gemeente, de hele overheid moet ook investeren in de gemeenschap. Moet gewoon onderdeel zijn van de gemeenschap en zich er niet buiten of boven plaatsen. De overheid moet veel meer investeren in vertrouwen, in het vertrouwen dat de inwoner te vertrouwen is, inwoners veel meer zeggenschap geven over hun omgeving, inclusief lastige belangen afwegingen, begrijpen dat 37.000 inwoners meer weten dat 250 ambtenaren, 4 wethouders en 25 raadsleden. 

Dienstverlening aan inwoners voorop op basis vanuit 4 waarden: betrouwbaar, verbindend, oplossingsgericht en slim. Constante nadenken over nog betere dienstverlening aan u allen, constante samenwerken aan oplossing voor maatschappelijke vraagstukken. Constant met twee benen in de samenleving.

Een bloeiende toekomstbestendige gemeenschap vergt leiderschap in een dorp, leiderschap langs nieuwe lijnen en op nieuwe manieren, gericht op verbinding in plaats van polarisering, en gericht op de gemeenschap i.p.v. individuele belang. Maar het vergt ook veel inzet van andere inwoners die gehoord worden en hun eigen kwaliteiten kunnen inzetten.

Maar voorop staat: Voel u allen verantwoordelijk, zoals Paulus zich verantwoordelijk voelde voor zijn gemeenschap. Iedereen heeft zijn eigen gaven en is daarmee belangrijk voor de gemeenschap. Doe mee!!

Dank u wel.