Herdenkingstoespraak 2016

Heldenmoed

‘Wat is een held? Iemand die straffeloos onvoorzichtig is geweest.’ Misschien wel het bekendste citaat uit de oorlogsroman De Donkere kamer van Damokles van W.F. Hermans.

Een steen in de vijver was deze roman in 1958. Een steen in de vijver over het dominante beeld dat toen heerste van Nederland is oorlogstijd: een heroïsch beeld.

De Nederlander had manmoedig gestreden tegen de Duitse bezetter. Veel hadden collectief verzet gepleegd. Nederland had echt laten zien dat het zich niet liet onderdrukken, zoals de Februari-staking en de Spoorwegstaking heel duidelijk maakten.

En ja, velen hebben inderdaad verzet gepleegd, en velen hebben zich heldhaftig gedragen en velen hebben hiervoor de ultieme prijs betaald. Maar niet heel Nederland was heldhaftig, moedig of tolerant. We waren niet heel gastvrij voor de Joodse Duitsers of andere vervolgden en sloten zelfs de grens op 17 december 1938 na de Kristallnacht.

Het heroïsche beeld van het verzet van de Nederlanders was niet juist. Net zo min als het negatieve beeld van W.F. Hermans niet juist was. Zoals zo vaak, was het veel genuanceerder. Nederland kende wel degelijk veel moedige mensen die verzet pleegden in hun eigen dagelijkse omgeving.

De ouders van een Raalter veteraan die onderduikers opvingen in hun voorhuis. Raaltenaren die stiekem voedselbonnen namaakten. Veldwachters in Heeten die het verzet leiden. En natuurlijk de verzetsstrijders die meehielpen met de bevrijding van onze regio, zoals de heer Jan Tielbeke. Onze enige verzetsstrijder die nog in leven is, maar helaas vandaag niet aanwezig kan zijn. 

De moed van deze mensen in Nederland had vele vaders en moeders: religieuze achtergronden, patriottisme, sociaal gevoel, medemenselijkheid, plichtsbesef. Of zoals de student Pieter Meerburg uit Amsterdam zei toen hij een Joodse medestudent naar een werkkamp zag vertrekken: “Dat kan gewoon helemaal niet”.

Maar wat zou u gedaan hebben in de oorlog?

Wat zou ik gedaan hebben in de oorlog? Zou ik moedig zijn geweest? Een vraag die we ons vast allemaal weleens gesteld hebben bij het zien van oorlogsbeelden of herinneringen aan de Tweede Wereldoorlog.

Er zijn hele moedige burgemeesters geweest die onder het mom van collaboratie met de Duitsers heroïsche daden hebben verricht voor het verzet. Maar ook velen, heel velen, deden dit niet.

Burgemeester Boot van Wisch en Terborg, ten oosten van Doetinchem, schreef in “Burgemeester in bezettingstijd” dat hij moest schipperen tussen zijn gevoel voor recht en eer aan de ene kant en de eisen van de Duitsers aan de andere kant.  Maar vooral wilde hij zijn inwoners zo goed mogelijk door de oorlog helpen. Moedig zijn is niet makkelijk.

Het boek “Moedige Mensen: Helden in oorlogstijd” waar een deel van mijn woorden op zijn gebaseerd geeft een genuanceerde kijk op moedige mensen uit die periode.

Alle personen in dit boek zijn uniek, zoals de redacteurs schrijven. Tegelijkertijd zijn ze inwisselbaar, want ze staan symbool voor alle mensen die in oorlogstijd niet wegkeken.

Maar geen van allen zag zichzelf als bijzonder of vond dat hij of zij zich uitzonderlijk gedroeg. Deze mensen hielden vast aan wat zijzelf “gewoon” vonden, alleen gebeurde dit in een tijd die zeer ongewoon en moeilijk was.

Mensen die niet wegkeken toen het moeilijk was. Mensen die vonden dat die dingen die normaal waren, ook normaal moesten blijven. Dat is moed.

Herdenken is niet gratis, gedenken is niet gratis. Met herdenken en gedenken maken we de verbinding tussen toen, hier en nu, en onze toekomst. We moeten niet vergeten, maar lering trekken uit dat verleden voor ons handelen van nu.

Dat is niet altijd makkelijk in een tijd waarin de wereld veranderd, onzeker is, oorlog kent aan onze grenzen, vluchtelingen in groten getale naar Europa koen, terrorisme dichtbij is en angst soms regeert.

Een wereld waarin het sluiten van de ogen voor het verleden nadrukkelijk op de loer ligt. Intolerantie, gebrek aan respect, onverdraagzaamheid, kilte en harteloosheid waren nadrukkelijk ook aanwezige in de Tweede Wereldoorlog.

Daarom ontmoeten wij elk jaar, hier, op 4 mei, om te herdenken. De Raaltenaren die omkwamen in de Tweede Wereldoorlog, alle gevallen militairen en burgers. De 37 Joodse medebewoners die na de oorlog niet teruggekeerden. En de vele andere slachtoffers in heel Europa en daarbuiten.

Herdenken is 2 minuten letterlijk stilstaan bij de impact van oorlog, vrede, Holocaust. Stilstaan en daarmee vooruit kijken,

Herdenken en gedenken biedt ons perspectief naar de toekomst. En daarom ben ik heel blij dat we vandaag weer herdenken met zoveel kinderen., inclusief de loco-Jeugdburgemeester.

Zoveel jonge inwoners die onze toekomst, onze gemeenschap gaan vormen in de komende jaren.

Met alle kinderen, met alle aanwezigen, bouwen we  voort op het positieve denken en handelen van de moedige mensen in de oorlog die ondanks tegenspoed zich bleven bekommeren om hun medemens ongeacht afkomst.

Laten wij de moed hebben om niet te somberen, en de vele lichtpunten te herkennen, want onze welvaart, gezondheid en geluk is nog nooit zo hoog geweest.

Laten wij de moed hebben om anderen niet weg te zetten in een hoek of te verketteren, maar juist te luisteren en de dialoog aan te gaan.

Laten wij de moed hebben om op te komen voor iedereen ongeacht afkomst, ongeacht geboorteplaats, en te leren om vreedzaam met elkaar te leven.

Dank u wel.